Het is zo lekker bij een frietje of een tosti: ketchup. Maar omdat ik al jaren geen producten met toegevoegde suikers eet, blijft die rode fles voor mij gesloten. Maar nu ik toch in de DIY-maand zit, vind ik dat ketchup zonder suiker gewoon op mijn lijstje moet komen te staan.
Op de website van Keet Smakelijk vond ik dit heerlijke recept. Dochterlief en ik hebben ‘m zojuist getest, met een tosti. Ik vind ‘m echt heel lekker, dochterlief vind ‘m… ok. Maar wat wil je, als je je hele leven al het zoete spul uit de winkel hebt gegeten. Dan smaakt dit echt anders. Het smaakt namelijk naar… TOMAAT! Omdat ik biologische tomaten heb gebruikt, is de ketchup wel iets duurder dan de fles uit de winkel. Maar dat heb ik er graag voor over.
Ingrediënten:
- 1,5 kilo rijpe tomaten
- 2 rode uien
- 1 el olijfolie
- 3 eetlepels balsamico azijn
- 1 theelepel versgemalen zwarte peper
- 1 theelepel zout
- ½ theelepel kaneel
- 1 theelepel gemalen venkelzaad
Snij de tomaten in kwarten en verwijder het harde gedeelte. Hak de uien in grove stukken. Doe het samen met de olie, balsamico, peper en zout in een groot bakblik en zet in een op 200 graden voorverwarmde oven.
Haal de tomaten er na 30 minuten uit en giet over in een pan met dikke bodem. Pureer met een staafmixer tot een gladde saus. Voeg kaneel en gemalen venkelzaad toe. Laat vervolgens op een laag vuurtje rustig een tijdje pruttelen en indikken.
Giet over in een uitgekookte fles of pot.
Deze ketchup is uiteraard niet zo lang houdbaar als die uit de winkel. Maar je kan er zeker een paar weken mee doen.
Bij een huwelijk horen afscheidscadeautjes. Een ‘leuk-dat-je-er-was’-aardigheidje. Altijd leuk om iets terug te geven. Maar ik zat er aardig mee in mijn maag. Duurzame huwelijksbedankjes, iets wat niet direct ergens in een la belandt. Of erger nog: in de prullenbak. Iets waar de gasten iets aan hebben, en tegelijkertijd duurzaam om te maken. Waar vind je dat?
Heerlijk zo’n dagje extra vrij. Kom ik eindelijk weer eens toe aan al die klusjes die al zo lang op me liggen te wachten. Want met een moestuin in de startfase en een bruiloft in aantocht, en daar tussendoor een normale werkweek en een gemiddeld huishouden, is het weekend vaak veel te kort. Een van die klusjes is het vullen van de flessen wasmiddel en afwasmiddel.
Af en toe een dagje thuis werken vind ik heerlijk. En meestal ben ik dan ook super productief. Ik verzet bergen werk in korte tijd. Maar er zit ook een nadeel aan: ik krijg altijd zo’n ontzettende trek als ik thuis werk. De hele dag door heb ik zin om te snacken. Omdat ik echter al 2 jaar suikervrij eet, heb ik niet bar veel lekkers in de kast liggen. Komt nog bij dat we zo min mogelijk afval produceren, dus je vindt ook weinig kant en klaar lekkers bij ons in huis.
Eindelijk, hij is klaar. De winter is al bijna voorbij, warme truiendag is al verleden tijd. Maar of het nu gaat vriezen of dooien, mijn dikke wintertrui is klaar. En hij zit heerlijk!
Zelf pindakaas maken, humus of dadelspread. Wat dat te maken heeft met een duurzamer leven? Dat is niet zo moeilijk. Het vermindert afval. Want in plaats van een glazen pot pindakaas te kopen, neem ik een bakje mee naar de markt en laat deze vullen met pinda’s. Afvalproductie: nihil. Op mijn boterham: pindakaas. Zelfde geldt voor humus, dadelspread, komkommerspread, en noem maar op. Dit weekend ben ik me helemaal te buiten gegaan aan deze lekkernijen voor op brood. Want geen kaas meer eten… ik heb toch een alternatief nodig. Vleeswaren gaan er niet in, en suiker eet ik al twee jaar niet meer. En dan ook nog m’n afval willen verminderen. Het leek een onmogelijke opgave, maar het valt best mee. De pindakaas is heerlijk, een echt lekkere humus moet ik nog leren maken J, en die dadelspread… Ik moet zorgen dat het uit de buurt van manlief blijft. Anders is het op voordat ik er van kan genieten.