Heerlijk zo’n dagje extra vrij. Kom ik eindelijk weer eens toe aan al die klusjes die al zo lang op me liggen te wachten. Want met een moestuin in de startfase en een bruiloft in aantocht, en daar tussendoor een normale werkweek en een gemiddeld huishouden, is het weekend vaak veel te kort. Een van die klusjes is het vullen van de flessen wasmiddel en afwasmiddel.
Een tijdje terug schreef ik al hoe je makkelijk zelf wasmiddel maakt. Ook afwasmiddel maak ik inmiddels tot volle tevredenheid zelf. En vandaag komt er nog een derde recept bij: handzeep. Er verschillen slechts een paar ingrediënten tussen handzeep en afwasmiddel. Dus ik vond het wel zo handig om ze tegelijk te maken. Zo hoefde ik maar één keer zeep te raspen.
Hieronder voor het gemak nog een keer alle ‘recepten’ op een rijtje.
Wasmiddel (5 liter)
- 5 liter water
- 80 gram zeep (kies een zeep die jij lekker vindt ruiken)
- 80 gram soda
Rasp de zeep. Laat de geraspte zeep in een liter kokend water al roerend oplossen. Doe de soda erbij en roer nogmaals goed door. Doe alles in een grote emmer, en vul aan met 4 liter heet water (hoeft niet te koken). Roer goed door en sluit de emmer af, met een deksel of handdoek. Een nachtje laten staan, goed doorroeren en vervolgens overgieten in lege flessen.
Goed schudden voor gebruik.
Afwasmiddel
- 20 gram zeep
- 1 liter warm water (moet gekookt hebben)
- 1/2 theelepel glycerine (te koop bij drogist)
- 1 eetlepel citroensap
- 1 eetlepel azijn
- eventueel etherische olie naar keuze.
Rasp de zeep en meng de zeepvlokken met het water op een laag vuur. Verwarm dit mengsel tot de zeep geheel is opgelost. Voeg de glycerine toe terwijl je blijft roeren. Haal de pan van het vuur en laat het mengsel afkoelen. Voeg dan citroensap en azijn toe en eventueel etherische oliedruppels erbij (als je zeep al lekker ruimt, hoeft dat niet) en roer goed door. Giet over in een lege afwasmiddelfles.
Ook hier geldt: Goed schudden voor gebruik.
Omdat het toch iets teveel was voor één afwasmiddelfles, maakte ik van een deel van bovenstaand recept handzeep.
Handzeep
- 20 gram zeep
- 1 liter warm water (moet gekookt hebben)
- 1/2 theelepel glycerine (te koop bij drogist)
Voor handzeep heb je ook zeep nodig, glycerine en water. Net als bij afwasmiddel. De eerste stappen zijn hetzelfde: Rasp de zeep en meng de zeepvlokken met het water op een laag vuur. Verwarm dit mengsel tot de zeep geheel is opgelost. Voeg de glycerine toe terwijl je blijft roeren. Haal de pan van het vuur en laat het mengsel afkoelen. Laat de handzeep afkoelen en schenk het over in een fles (of gelijk in je zeeppompje).
En tot slot geldt ook hier weer: goed schudden voor gebruik.
Zo, ik ben er weer. Terug in de online wereld na 24 uur offline te zijn geweest. 24 uur geen sms, geen What’s App, geen email, geen Facebook en geen Twitter. O ja, en ook geen televisie. In die 24 uur heb ik natuurlijk ontzettend veel gemist! (Maar gelukkig niets dat geen dag kon wachten.)
Een dagje geen What’s app, geen Facebook, geen Twitter, geen Instagram, geen e-mail en geen televisie. Ben ik op vakantie? Nee, ik ben gewoon thuis. Maar ik ga eens een dagje offline. Buiten bereik, zeg maar. Tijd voor mezelf en voor mijn gezin, zonder steeds afgeleid te worden van bliepjes en tingeltjes, die een nieuw berichtje, een nieuwe like of een headline uit het nieuws aankondigen.
Het mooiste van de lente: de steeds langer wordende avonden. Voor ons reden om na het eten ’s avonds nog even op pad te gaan. En dan kom je soms mooie verrassingen tegen. Zoals in de Gasterse Duinen, waar de kudde van Anloo graast, prachtige Schotse Hooglanders. En dit keer liepen ze rond met hun schattige jonkies. Nog zonder imposante horens en zonder haar voor hun ogen.
Mama keek op afstand toe.
Of ik invloed heb op dochterlief met mijn ‘duurzaamheids-gedoe’, weet ik niet. Meestal is er geen directe relatie tussen wat ik zeg en wat zij doet. Ze is negen, heeft een eigen wil en laat zich niet zomaar iets aanpraten. Net als de meeste kinderen. En net als de meeste kinderen is zo ook aardig ‘vergeetachtig’. Zo vergeet ze regelmatig dat ze haar speelgoed in de huiskamer eerst moet opruimen voordat ze buiten gaat spelen met ons buurmeisje. Opruimen is sowieso niet haar sterkste kant. Dacht ik.
De Vegan Challenge is voorbij. Vanavond mijn laatste veganistische maaltijd gegeten. Toch? Nou, daar ben ik nog niet zo zeker van. De afgelopen maand ben ik me ervan bewust geworden dat een veganistische levensstijl veel voordelen heeft. Om er een paar te noemen:
Kijk onze perenboom mooi in bloei staan. Het is een Gieser Wildeman, oftewel: een stoofperenboom. Vorig jaar plukten we zes peren, net genoeg voor één portie. Deze hoeveelheid bloesem beloofd een beter jaar te worden. Maar het blijft altijd moeilijk te voorspellen. Vooral wanneer nachtvorst wordt voorspeld. En laat dat nu net de voorspelling voor vannacht geweest te zijn!
Veganistisch eten is lekker. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen. Vanavond had ik weer het bewijs op mijn bord liggen. Overheerlijke ‘gehaktballetjes’. Althans, zo verkocht ik ze aan dochterlief. Hoewel ze gelijk doorhad dat dit géén echte ‘bal’ was, zat ze lekker te smullen van deze veganistische gehaktballen. Waarom ik het dan toch gehakt noem? Omdat er gehakte noten in zitten. Gehakt is gehakt.
De Vegan Challenge is al over de helft. Nog tien dagen en het is volbracht. Het gaat allemaal nog met het grootste gemak. Op een paar ‘incidentjes’ na. Toen ik bijvoorbeeld geheel onbewust boter op mijn boterham smeerde omdat ik zin had in hagelslag. De hagelslag was vegan, daar had ik op gelet. Maar de boter natuurlijk niet, dat was me even ontgaan.
Of ik wel eens géén zin heb om duurzaam te doen, werd me laatst gevraagd. Nou nee, eigenlijk niet. Duurzaam doen is geen last, het is een way of living. Maar ik geef toe, heel soms heb ik zin om lekker makkelijk te doen, en dat staat niet altijd gelijk aan duurzaam doen. Want hoewel ik inmiddels een fervent OV-reizigster ben, duurt het reizen met bus en trein van a naar b best lang. Per dag ben ik zeker een uurtje langer onderweg. Nu heb ik dat er meestal wel voor over, maar soms, zoals vandaag, toch eigenlijk niet. Want ik heb het druk, op het werk wachten de deadlines, mijn carpool-collega moet de andere kant op en… de auto staat voor de deur.