Je ruikt ‘m gewoon als je hem uit de grond haalt: verse knoflook. Eind oktober vorig jaar stopte ik een paar teentjes biologische knoflook in de grond. Dat zijn nu mooie bolletjes geworden.
Als het loof bruin wordt en omvalt is de knoflook klaar, had ik gelezen. En dat is meestal vanaf eind juni. Eerder moet je ze niet oogsten, want de bolvorming ontstaat pas op het allerlaatst. De grootte van de bollen valt me iets tegen, maar dat heeft misschien ook te maken met de vele regens van de laatste tijd.
Even laten drogen…
En nu wil ik ze natuurlijk gelijk gaan eten. Maar wil je de smaak echt ten goede laten komen, dan kun je de knoflook beter eerst een tot twee weken laten drogen op een donkere en droge plek. Dan hang je ze leuk op aan hun steeltjes, net als je zo vaak in Frankrijk ziet. Je kunt ze dan maanden bewaren, veel langer dan knoflook uit de supermarkt.
In de koelkast?
Waar je gewone knoflook niet in de koelkast moet bewaren, is dat bij verse jonge knoflook die je ‘aangebroken’ hebt, juist wel het geval. Verse knoflook schijnt ook nog een aangenaam voordeel te hebben: door zijn ietwat mildere smaak geeft verse knoflook minder ‘knoflook-adem’. Of dat ook echt zo is, zullen we vanavond wel merken!


Overzicht houden











Het kost me soms aardig wat moeite. Weggooien is niet makkelijk. Wat als ik spijt krijg? Maar van de meeste spullen die door mijn handen glijden had ik eerlijk gezegd geen flauw idee dat ik ze nog had. Pas op het moment dat ik ze uit de doos haal denk ik: o ja, dat heb ik ook nog. Dat is van toen, en toen. Om vervolgens een gevoel op te roepen die even snel weer verdwijnt op het moment dat ik de herinnering terug in de doos leg.


Al heel lang wil ik zelf chocoladepasta maken. Maar hoe doe je dat? Toevallig vond ik hét recept dit weekend, terwijl ik op zoek was naar een taart om onze visite mee te verwennen. Deze taart bestaat voor 50 procent uit tongstrelende chocoladepasta:
Hazelnoten zijn te klein. Naarstig zocht ik naar een oplossing: Een hamer? Een steen? Nee, dat geeft allemaal zo’n rommel. Wat te denken dan van de knoflookpers? Net zo handig te gebruiken als hazelnotenkraker.
De chocoladepasta gebruikte ik (helaas) in zijn geheel voor de vegan Hazelnotentaart, een recept uit het inspirerende en leuke boek van de Groene Meisjes. Het is uiteraard (want vegan) een recept zonder ei en boter. Naast meel en bakpoeder zit er appelmoes en melk in. En een beetje kokosbloesemsuiker. Appelmoes heb ik niet standaard in huis, dus schilde ik een appel uit de fruitmand en kookte deze totdat hij als moes uit elkaar viel. Net genoeg voor de cake. Ik blijf het bijzonder vinden dat je cake kunt maken zonder eieren en boter.
Goed nieuws uit Assen! Blik en drankkartonnen mogen sinds 2 mei bij ons in de oranje container, samen met het plastic afval. En dat betekent dat
Is het moeilijk om nog meer afval te scheiden? Helemaal niet. Maar voor wie het toch lastig vindt, heeft Assen speciale afvalcoaches in het leven geroepen, die de inwoners kunnen helpen met het sorteren van hun afval. En nog een extra motivatie: volgens de berekeningen zou het een besparing op de afvalstoffenheffing van zo’n 20 euro per huishouden gaan opleveren.
Nu het weer echt op zomer begint te lijken, is het voor mij gedaan met de stamppot boerenkool. Hoe lekker ik het ook vind. Toch blijft stamppot nog wel een tijdje bij ons op het menu, maar dan eerder een lichtere variant. Zoals stamppot van raapstelen. En daar kan je eindeloos mee variëren.
4 grote aardappelen

